Metingen en conclusie
Inhoud
We hebben een paar metingen gedaan aan de kabels. Allereerst de ‘standaardmetingen’ aan de Sourcetronic LCR. Denk aan: capaciteit, inductie, impedantie en geleiding. Ook hebben we om wat dieper te kijken de propagatievariatie en ruisgedrag gemeten aan de Tektronix-scope. Weet dat propagatievariatie heel lastig is om goed te meten, aangezien het deels handwerk is… die waarden zijn dus niet absoluut, maar een benadering.
Metingen Dyrholm Phoenix
De Dyrholm Phoenis valt op geibed van ruis tussen de Kimber en OePhi in. Dat is logisch gezien de opbouw en LCR-scores. Het is niet de stilste, maar ook niet de meest ‘noisy’ kabel. Dat ervaren we ook wel een beetje zo bij de luistertest.
Op gebied van propagatievariatie zien we héél erg goede scores. Beter dan de OePhi zelfs. Dat is opvallend, want de capaciteit is hoger. We zien 11.88ns bij 1V, 11,92ns bij 2V en 11.84ns bij 2.5V. Dat is slechts 40ps beide kanten op dus 80ps totaal. Keurige score: dat zien we zelden zo goed.
LCR metingen Dyrholm Phoenix
We zien geen gekke zaken in deze metingen. De Dyrholm Phoenix is prima in balans. De capaciteit is prima onder controle met 150 pF gemiddeld. Geleiding is netjes met ongeveer 55 Siemens en inductie is prima met gemiddeld 1,3 uH. Dat resulteert in een nette impedantie die minimaal 18 mOhm is en maximaal 2,2 Ohm.
Metingen OePhi Reference
De OePhi is niet een heel ‘stille’ kabel. Dat horen we ook. Het voordeel is dat het karakter wel energiek is én dat het een detailrijke kabel is, al weten we niet of daar écht een verband is. Het viel wel op bij de luistertest. Het verschil in detail tussen de Kimber en OePhi is groot. De Kimber laat minder horen in de stillere stukken.
Op gebied van propagatievariatie scoort de OePhi goed, wat niet gek is gezien de krankzinnig lage capaciteit. We zien 10.36ns bij 1V, 10,56 bij 2V en 10,68 bij 2,5V. Dat zijn kleine stapjes. Tussen 1V en 2.5V zien we 330ps verschil, wat verwaarloosbaar is. Keurig.
LCR metingen OePhi Reference
De OePhi is geen monster als het gaat om geleiding. 27 Siemens is gewoon niet heel veel en dat uit zich weer in een vrij hoge impedantie. 37 mOhm en een maximum van zelfs 5,45. Dat komt door de hoge inductie van 3 uH. Capaciteit is weer krankzinnig laag met 24pF. Een beetje een maffe kabel meettechnisch.
Metingen Kimber Kable Carbon 18XL
Wat direct duidelijk wordt, is hoe stil deze Kimber is. En dat is bij alle Kimbers eigenlijk wel. Dat komt overduidelijk door de geometrie van de kabel. Een nadeel van deze geometrie is de erg hoge capaciteit (zie verderop). Een hoge capaciteit lijdt ook tot grote propagatievariatie, zoals we inmiddels weten van de grote kabeltest. We zien een stap van 27.9ns bij 1V (wat al aan de trage kant is) naar 28.8 ns bij 2V en tenslotte 28.5ns bij 2.5V. Dat is bijna 1ns variatie tussen 1V en 2V. Pittig…
LCR metingen Kimber Carbon 18XL
Deze Kimber is een mysterieuze kabel. Geleiding is (omgerekend naar 2.5M) niet superhoog met 45 Siemens. Echter heeft Kimber de inductie heel laag weten te houden, waardoor deze kabel niet heel hoog piekt op gebied van impedantie, wat gunstig is voor kleuring. We zien een minimum van 22 mOhm en een maximum van maar 1,35 Ohm bij 300 KHz. Dat maakt de kabel behoorlijk breedbandig constant. Capaciteit is echter bijzonder hoog met (omgerekend naar 2,5 meter) 1411 pF.
Vergelijking

We hebben voor uw gemak een overzicht gemaakt van alle kabels. Daarin zien we – niet geheel verwonderlijk – een duidelijk verband tussen geleiding, inductie en impedantie. Opvallend is dat de Kimber een lagere maximum impedantie heeft dan de Dyrholm, terwijl de Dyrholm een hogere geleiding heeft. Echter is de inductie van de Kimber veel lager, wat dus resulteert in een lagere maximum impedantie (bij hogere frequenties). De OePhi bevestigt dit beeld met een zeer hoge maximum impedantie én dus ook een hoge inductie. Dus die hoge bandbreedte… dat klopt niet helemaal.
Gemiddeld gezien heeft – vinden wij – de Dyrholm de mooiste balans gevonden als het gaat om capaciteit, inductie en impedantie. We schatten in dat als Dyrholm geen Rhodium pluggen zou gebruiken, dat deze kabel nog beter zou klinken dan nu.
Meting op luidspreker

Het is erg mooi om te zien dat het warmige karakter van de OePhi terug komt in deze meting. Hoe subtiel ook de verschillen in werkelijkheid zijn (het gaat om tienden van dB’s). De Dyrholm meet het strakst tot nét over de 10 KHz. Daarna gaat de Kimber hem voorbij, wat klopt als we kijken naar de impedantie (en ook klank trouwens: de Kimber klinkt zonder twijfel frisser en meer open dan de Dyrholm). Opvallend is wel dat een Supra instapkabel in deze meting gewoon beter uit de bus komt dan de OePhi… We praten dan wel puur over frequentierespons natuurlijk. Op gebied van timing en propagatievariatie gaat de OePhi een stuk verder.


































– Kabels blijft een interessant fenomeen. Ik kreeg van Final het advies om andere luidsprekerkabels te proberen voor mijn Final 12 plus. Na wat zoeken vond ik dit geschrift http://sanderssoundsystems.com/technical-white-papers/54-cables-white-paper. Die knaap heeft ook voor Martin Logan gewerkt en een boek over ESL geschreven. Ik heb ze gevraagd welke specifieke kabel volgens hun geschikt was voor een ESL. Ze kwamen uiteindelijk met een Mogami 3082 Coax kabel die ze leverden bij hun zeer dure ESL. Niet schrikken 6,60 per meter en dat gaat inderdaad zeer goed.Bij ESL draait het kennelijk om de inductie.
– Overigens echt interessant zijn volgens mij phono kabels (arm naar phono trap). Die zouden jullie eens moeten testen.
Gaaf hoe jullie de luistertesten iedere keer onderbouwen met metingen. Luisteren is subjectief, dus fijn om er een objectieve maatstaf naast te zetten (metingen). En jullie leggen ook goed het verband uit. Heel leerzaam en waardevol!
Dryholm spreekt mij wel aan. Maken ook mooie netkabels heb ik begrepen.
Dryholm=Dyrholm, sorry
Hoi Jaap, ben je niet een conclusie vergeten?
Lastig om deze test te plaatsen vind ik. (Kan natuurlijk aan mij liggen hoor)
Zijn dit allemaal heel mooie kabels met nuance verschillen?